Kernpunten uit de Beraadsvergadering van 14 mei

KERNPUNTEN uit het verslag van de vergadering Apeldoorns Beraad van Kerken

Op dinsdag 14 mei 2019 heeft het Apeldoorns beraad van Kerken vergaderd.
De belangrijkste punten die aan de orde zijn gekomen, zijn:

Gedachtenis
In de achterliggende periode zijn twee vroegere afgevaardigden in ons Beraad overleden:
Toos Starmans, Vrouwe van Bethanië, die jarenlang namens de RK parochie in het Beraad zat en Rinus van der Maas, die recenter een paar jaar namens de CGK was afgevaardigd.

Verder denken over de oecumene
Het gesprek over wenselijkheid en mogelijkheden van oecumenische vieringen bracht een aantal kernuitspraken naar voren: een oecumenische viering is niet de verantwoordelijkheid van één kerkgenootschap; gezamenlijk rekening houden met gebruiken van het huis waar men te gast is en respect voor andere opvattingen en gewoontes, zodat allen zich ‘thuis’ kunnen voelen in een viering.
Oecumene werkt niet zonder bruggenbouwers.
Nieuwe ontwikkelingen zijn bv. de Pop-Up-kerk, naast lange tradities als de Paaszang op de Markt.
Gedacht wordt ook aan een oecumenisch leerhuis.
Er zou een voortrekkersrol van het Beraad kunnen zijn, want wat ons verbindt, wordt ten diepste beleefd in de ontmoeting.

Verder denken over het Beraad en zijn vergaderingen
Er wordt gedacht over de uitbreiding van het Beraad. Een werkgroepje zal op onderzoek gaan naar de verschillende migrantenkerken in Apeldoorn en hun belangstelling voor samenwerking in het Beraad. De relatie met evangelische gemeenten is nu vooral via individuele contacten. Zij blijven huiverend staan tov deelname aan het Beraad.
Als jaarthema voor het seizoen 2019-2020 wordt gedacht aan het thema van ons lustrum symposium van 2018 : “Wat kunnen wij voor je doen?” – een éénpersoonswerkgroepje zal zich buigen over de praktische uitwerking in sub-thema’s/speerpunten.
Naast de zorg over het gebrek aan secundi (vervangers van de afgevaardigden) en het nog steeds missen van een vaste verslaglegger, delen we de behoefte een goed en inspirerend contact te hebben met onze eigen kerkgenootschappen (de achterbannen), omdat in de meeste lidkerken “het goed vinden dat hun afgevaardigde naar de vergadering van het ABvK gaat, want zo doet men al goed mee”.
Wij willen positief werken aan agenda-aanpassing (verhoging relevantie, betrokkenheid) en zullen proberen te gaan “van vergaderen naar ontmoeten”.

Het is beter om een klein werkje goed te doen dan een grote klus half.